De Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO) is het centrale register van alle ondernemingen die in België actief zijn. Wanneer een onderneming wordt doorgehaald in de KBO (bijvoorbeeld omdat zij drie jaar op rij geen jaarrekening heeft neergelegd), heeft dit ingrijpende juridische en economische gevolgen.
In de eerste plaats mag een doorgehaalde onderneming geen economische activiteiten meer uitoefenen. Het afsluiten of verder uitvoeren van contracten wordt juridisch problematisch en kan leiden tot aansprakelijkheidsrisico’s, zeker bij eenmanszaken waar geen scheiding bestaat tussen privé- en beroepsvermogen.
Een bijzonder belangrijk gevolg is dat rechtsvorderingen ingesteld door een doorgehaalde onderneming onontvankelijk zijn. Zolang de onderneming niet (opnieuw) geldig is ingeschreven in de KBO, kan zij geen vorderingen instellen voor de rechtbank. Dit maakt het innen van openstaande facturen in de praktijk onmogelijk, zelfs wanneer de schuld vaststaat.
De doorhaling brengt echter niet de schrapping, noch de ontbinding, noch de vereffening van de onderneming met zich mee. De onderneming blijft bestaan en moet nog steeds voldoen aan de juridische, boekhoudkundige en sociale verplichtingen.
Ook de reputatieschade is aanzienlijk. De doorhaling wordt gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Banken, leveranciers en klanten raadplegen de KBO en zullen vaak geen zaken willen doen met een doorgehaalde onderneming.
Te onthouden?
Een doorhaling uit de KBO heeft zware gevolgen, onder andere de praktische oninbaarheid van facturen.
