Naar aanleiding van een enquête gehouden bij meer dan 440 zelfstandigen en kmo-bedrijfsleiders trekt NSZ een onrustbarende conclusie: “De achteruitgang van de fysieke en mentale gezondheid van zelfstandigen bedreigt rechtstreeks het voortbestaan van hun bedrijven.” NSZ herhaalt zijn eis voor een inkomen gerelateerde ziekte-uitkering.
Meer dan 50 uur werk en veel stress
Voor de overgrote meerderheid van de zelfstandigen is een werkweek van 38 uur een illusie. Meer dan 80% van de respondenten werkt meer dan 45 uur per week. Meer dan de helft overschrijdt zelfs de kaap van 55 uur per week (51,1%). Bij dit hoge tempo komt de onmogelijkheid om de stekker eruit te trekken: “Zeven op de tien zelfstandigen nemen slechts zeer zelden vakantie, hoofdzakelijk uit vrees voor een direct inkomensverlies of door een gebrek aan personeel om hen te vervangen. Zelfs tijdens vakantie blijft bijna 90% de zaak opvolgen om noodgevallen op te volgen.”
Resultaat: bijna twee derde van de respondenten maakt melding van een hoog tot zeer hoog stressniveau. Als voornaamste stressfactoren staan de administratieve rompslomp (genoemd door één op de vier respondenten), de financiële precariteit en liquiditeitsproblemen (ongeveer 20%) helemaal bovenaan, gevolgd door de moeilijkheden om privé- en professionele leven te combineren. “De financiële factor speelt uiteraard een doorslaggevende rol in de stress van zelfstandigen, maar dat is niet de enige factor. De overheid heeft een belangrijke rol te spelen. Dit door de administratieve lasten die het dagelijks leven van zelfstandigen en kmo's verzwaren drastisch te vereenvoudigen. De extra uren die moeten worden besteed aan het invullen van formulieren of het proberen na te leven van wetgeving die voortdurend veranderd, putten hen uit.”
Slaapstoornissen
Dit chronische overwerk leidt tot tastbare schade. Bijna de helft van de zelfstandigen omschrijft de verhouding tussen hun professionele en persoonlijke leven als onevenwichtig. Als rechtstreeks gevolg wordt de slaap zwaar getroffen: meer dan 40% van de zelfstandigen slaapt minder dan zes uur per nacht en klaagt over aanhoudende vermoeidheid bij het opstaan, nachtelijk ontwaken of inslaapmoeilijkheden als gevolg van malende gedachten. Bijna de helft (48,93%) oordeelt de slaap als slecht of zeer slecht.
Nog alarmerender is dat de burn-out als een schaduw boven hen hangt. Een grote meerderheid van de zelfstandigen geeft toe de afgelopen twaalf maanden tekenen van professionele uitputting te hebben gevoeld. “Meer dan 40% is van oordeel dat de achteruitgang van hun gezondheid een rechtstreekse negatieve impact heeft op de rentabiliteit en het overleven van hun bedrijf.”
Regionale nuances
Hoewel de resultaten van de enquête over het algemeen geen essentiële verschillen tussen de regio's vertonen, duiken er toch uitgesproken verschillen op tussen het noorden en het zuiden van het land. Zo is aan Nederlandstalige kant het aantal uren werk bijzonder intens, waarbij meer dan de helft van de respondenten meer dan 55 uur per week werkt (tegenover ongeveer een derde bij de Franstaligen). Omgekeerd is de impact op de mentale gezondheid echter omgekeerd: “Het gevoel van burn-out is beduidend sterker uitgesproken bij de Franstaligen: meer dan 40% verklaart op regelmatige basis tekenen van een burn-out te ervaren, oftewel dubbel zo veel als bij hun Nederlandstalige collega's (ongeveer 21%). Waar in Vlaanderen 73% aangeeft in de voorbije twaalf maanden tekenen van burn-out te hebben ervaren (21,26% regelmatig, 51,72% af en toe), ligt dat cijfer in Wallonië nog hoger: 92,55% van de Waalse respondenten voelde tekenen van uitputting (waarvan 41,49% op regelmatige basis).
Isolement doorbreken
“In geval van nood bekent één op de vijf zelfstandigen zijn moeilijkheden volledig alleen te beheren.” Wanneer ze hulp zoeken, wenden ze zich in de eerste plaats tot hun huisarts of hun directe omgeving.
Maatregelen gevraagd
NSZ erkent dat de overheid al enkele maatregelen rond psychologische opvolging heeft genomen sinds de covidcrisis, maar NSZ roept de overheid op om op deze problematiek te blijven ondersteunen.
NSZ herhaalt bovendien zijn vraag naar de proportionaliteit van de uitkeringen ten opzichte van het inkomen: “Een forfaitaire uitkering moet een ondergrens vormen, maar is vaak losgekoppeld van de realiteit van de vaste kosten die blijven doorlopen. Door de hulp af te stemmen op het bestaande of voorverdiende inkomen kan de levensstandaard worden behouden en wordt gegarandeerd dat de ondernemer zijn privé- en professionele verplichtingen kan nakomen tijdens zijn herstel.”