NSZ reageert op voorstel stadstol in Brussel

Tags
Categorie Werk
NSZ reageert op voorstel stadstol in Brussel

De invoering van een stadstol is anti-economisch en zal nefast zijn voor de Brusselse ondernemingen waarvan talrijke klanten en personeelsleden van buiten Brussel afkomstig zijn. Zo reageert NSZ op het voorstel van de Brusselse minister van Mobiliteit, Elke Van den Brandt (Groen) om een stadstol in te voeren op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Brussel leeft niet onder een stolp, de Brusselse economie hangt grotendeels af van Wallonië en Vlaanderen zowel op het vlak van klanten als wat het personeel betreft. “Een dergelijke heffing is gewoon anti-economisch, zo verklaart Christine Mattheeuws”, voorzitter NSZ.

Economische zelfmoord

De Brusselse minister van Mobiliteit, Elke Van den Brandt (Groen) heeft vandaag haar voorstel uiteengezet om een stadstol in te voeren in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Voor NSZ is dit een no-go. “Ik vraag me af of de politiek van Brussel een eiland maken”, stelt Christine Mattheeuws, voorzitter van NSZ. “In zeer veel Brusselse ondernemingen zijn werknemers tewerkgesteld die wonen in Vlaanderen en Wallonië. Het Brussels openbaar vervoer en het treinaanbod zijn niet voldoende georganiseerd en uitgebreid zodat de werknemers hun wagen op stal kunnen laten voor het traject tussen de woon- en werkplaats.

Het is ondenkbaar dat de Brusselse werkgevers en hun personeelsleden het slachtoffer zouden worden van de ontoereikende politiek van de diverse overheden op het vlak van infrastructuurwerken en investeringen in duurzame alternatieven voor de wagen”, zo verwoordt Christine Mattheeuws het.

Aanmoedigen eerder dan belasten

Volgens NSZ moet de zoektocht naar duurzame alternatieven prioritair zijn, niet de belasting. Een dergelijke belasting zou die personen treffen die geen andere keuze hebben dan hun wagen te nemen om zich naar hun werk te begeven. NSZ gaat zelfs verder: wanneer een dergelijke belasting zou worden ingevoerd, moet er coördinatie zijn tussen de drie gewesten. “Er kan geen discriminatie zijn tussen personen die woonachtig zijn in de verschillende regio’s van dit land.

Een dergelijke belasting moet worden gecompenseerd voor iedereen: Brusselaars, Vlamingen en Walen via een vermindering of opheffing van andere taksen gelinkt aan de wagens. Voorbeelden daarvan zijn de belasting op de inverkeerstelling of de jaarlijkse rijbelasting”, vervolgt Christine Mattheeuws. “Deze stadstol mag de werknemers niet raken!”

Ondersteun de alternatieven!

“We stellen vast dat talrijke personen hun voertuig gebruiken op dezelfde uren van de dag. Men moet dus diegene belonen die zich op andere momenten verplaatsen en we moeten de werkgevers aanmoedigen om dit mogelijk te maken voor hun werknemers. Laat ons de flexibiliteit op de werkvloer,  het autodelen, … aanmoedigen”, zo besluit Christine Mattheeuws.

deel dit