Wat betekent het begrotingsakkoord voor u?

Tags
Categorie Algemeen
Wat betekent het begrotingsakkoord voor u?

Geen lagere lasten op arbeid

Over lagere lasten op arbeid is nog niets beslist. Vivaldi evacueert de pistes over het optrekken van de belastingvrije som naar een aparte fiscale hervorming die nog voor deze legislatuur zou zijn.

Uitbreiding flexi -en studentenjobs

De flexi-jobs worden uitgebreid naar andere sectoren. Oorspronkelijk was het systeem van belastingvrij bijklussen gericht op de kleinhandel en de horeca. In de toekomst worden flexi-jobs ook mogelijk in de zorg en de landbouw.

De regering maakt studentenjobs financieel aantrekkelijker. Tot 475 gewerkte uren betaalde een jobstudent alleen de solidariteitsbijdrage van 2,71 procent van het brutoloon aan sociale bijdragen. Dat wordt 600 gewerkte uren. Voor een gewone job bedraagt de sociale zekerheidsbijdrage van de werknemer 13,07 procent. De regering komt tegemoet aan de vraag van de bedrijven om de pijn van de loonindexeringen te verzachten. In meerdere sectoren staat een automatische loonindexering van ongeveer 10 procent gepland in januari 2023. Andere bedrijven moesten de voorbije maanden al verschillende loonindexeringen doorvoeren.

Geen patronale bijdragen op loonindex

De regering heeft beslist dat bedrijven in het eerste en het tweede kwartaal van 2023 een korting krijgen op de patronale bijdragen. Die komt overeen met 7,07 procent van de netto patronale basisbijdragen. Voor het derde en het vierde kwartaal van 2023 kan voor dat deel van de patronale bijdragen een betalingsuitstel worden verkregen tot 2025.

Btw op energie blijft 6%

De regering heeft beslist de btw op gas en elektriciteit definitief van 21 naar 6 procent terug te dringen. In ruil voor die definitieve btw-verlaging komt er een systeem waarmee de overheid de accijnzen op gas en elektriciteit flexibeler kan aanpassen. Het is de bedoeling prijsschommelingen beter op te vangen. In het nieuwe systeem dalen de accijnzen als de prijzen boven een afgesproken grenswaarde stijgen. Die is vastgelegd op 250 euro per megawattuur voor elektriciteit en 100 euro per megawattuur voor gas.

Invoering pensioenbonus

De invoering van de pensioenbonus werd al enkele maanden geleden beslist. Wie een tot drie jaar aan de slag blijft na de leeftijd waarop hij met vervroegd pensioen kan, krijgt een bonus boven op het wettelijke pensioenbedrag. Een jaar langer werken zou uw pensioen met 30 tot 40 euro netto per maand verhogen. Uit het verslag van de begrotingsbesprekingen blijkt dat de regering rekent op een terugverdienbedrag van 77,5 miljoen euro.

Eenmalige minimumbelasting voor grote bedrijven

Ons land streeft er, samen met andere Europese landen, naar om in 2024 tot een minimumbelasting te komen voor grote bedrijven. In afwachting van dat Europees akkoord kiest de regering voor een eenmalige (Belgische) ingreep in 2023. De eenmalige opbrengst wordt geraamd op 400 miljoen euro.

Bedrijven die in 2023 meer dan 1 miljoen euro winst boeken, krijgen minder mogelijkheden om die winst weg te laten vegen door overdraagbare verliezen van voorgaande jaren en zo de belastbare basis te verkleinen. Vandaag kan 70 procent van de overwinst (meer dan 1 miljoen euro) weggeveegd worden door overdraagbare verliezen. Dat zou eenmalig verlaagd worden naar maximaal 40 procent.

Notionele interestaftrek afgeschaft

De notionele intrestaftrek, die sinds 2019 nog in fel afgeslankte vorm bestaat, verdwijnt vanaf het boekjaar dat begint na 30 december 2022. Bedrijven kunnen wel nog de overgedragen notionele intrestaftrek van voorgaande jaren benutten. Dankzij de notionele intrestaftrek kunnen ondernemingen een rente toepassen op de aangroei van hun eigen vermogen en dat aftrekken van hun belastbare winst. Hoe hoger de rente, hoe groter het belastingvoordeel voor bedrijven.

Vennootschapsbelasting geïndexeerd

De regering zal de vennootschapsbijdrage opnieuw indexeren. Die bijdrage moet elke vennootschap jaarlijks betalen. Voor vennootschappen met een balanstotaal van minder dan 706.579,60 euro bedraagt de jaarlijkse bijdrage 347,50 euro. Voor bedrijven met een hoger balanstotaal is dat 868 euro. Die bedragen waren al sinds 2003 niet geïndexeerd en worden nu dus verhoogd.

Tijdskrediet ingeperkt en auteursrechten

De regering beperkt het voltijdse tijdskrediet met als motief de zorg voor een kind. Die werkonderbreking was mogelijk tot het kind acht jaar werd. Dat wordt vijf jaar. Ook moet de aanvrager niet langer minimaal 24 maar 36 maanden bij zijn werkgever aan de slag zijn. De maximumperiode wordt ingekort van 51 naar 48 maanden. Voor de deeltijdse variant verandert niets, behalve de maximumperiode. De periode voor tijdskrediet met andere motieven - zoals het bijstaan van langdurig zieken of het volgen van een opleiding - wordt van 60 naar 51 maanden teruggebracht. Bij de aanvraag van halftijds tijdskrediet moet de werknemer voortaan voltijds aan het werk zijn. Voordien volstond een 3/4-tewerkstelling.

Oorspronkelijk waren auteursrechten voor­behouden aan auteurs en kunstenaars, maar sinds een aantal jaren laten ook bijvoorbeeld softwareontwikkelaars en marketeers hun prestaties via auteursrechten vergoeden. Dat is fiscaal interessant, want de fiscus ziet inkomsten uit auteursrechten als een roerend inkomen. Daar is alleen een roerende voorheffing van 15 procent op verschuldigd. De regering zet nu het mes in die praktijk en verengt het toepassingsgebied van de auteursrechten. De details over wie uit de boot valt, zijn nog niet bekend.

Bron: De Tijd

Lees hier de reactie van NSZ op het begrotingsakkoord

deel dit