Mag de verhuurder nieuwe voorwaarden eisen bij hernieuwing van handelshuur?

Als huurder van een handelspand heeft men het recht om, bij voorrang op alle anderen, de hernieuwing van de handelshuurovereenkomst aan te vragen. De aanvraag tot hernieuwing dient, aangetekend of via gerechtsdeurwaarderexploot, te gebeuren tussen de 18de en de 15de maand vóór het verstrijken van de lopende huur.

De verhuurder kan op een aantal manieren reageren op de aanvraag tot huurhernieuwing:
1. uitdrukkelijk instemmen.
2. niet reageren: bij gebrek aan reactie binnen de drie maanden wordt de verhuurder geacht akkoord te gaan.
3. het aanbod van een derde tegenwerpen.
4. weigeren: de handelshuurwet somt limitatief de redenen van weigering op.
5. Instemmen, maar andere voorwaarden opleggen.

Voor elk van bovenvermelde situaties, dient de verhuurder binnen een termijn van 3 maanden te reageren.

De verhuurder mag dus akkoord gaan mits oplegging van andere voorwaarden zoals een hogere huurprijs. De nieuwe voorwaarden die de verhuurder oplegt moeten wel billijk zijn. De nieuwe voorwaarden moeten van die aard zijn dat men van elk huurder zou mogen verwachten dat hij deze zou aanvaarden.

Indien de huurder akkoord gaat men de nieuwe opgelegde voorwaarden, dan dient hij zijn akkoord binnen de 30 dagen aangetekend te betekenen aan de verhuurder. Indien de huurder zijn akkoord niet binnen de 30 dagen betekent, verliest hij zijn recht op huurhernieuwing. Indien de huurder niet akkoord gaat met de nieuwe opgelegde voorwaarden heeft hij de verplichting op om zich binnen de 30 dagen na ontvangst van het schrijven van de verhuurder te wenden tot de vrederechter.