Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

Pers

Pers en communicatie

U bent journalist en zit met vragen? Aarzel niet om ons te contacteren.

Christine Mattheeuws

Voorzitter NSZ

christine.mattheeuws@nsz.be
0476 44 74 97

Daphne De Keukelaere

Communicatieverantwoordelijke

daphne.dekeukelaere@nsz.be
0470 11 10 57

Vrouwelijke zelfstandigen later op pensioen dan hun mannelijke evenknieën

Vrouwelijke zelfstandigen gingen in 2016 gemiddeld op pensioen op de leeftijd van 64,65 jaar. Mannelijke zelfstandigen waren gemiddeld jonger toen ze met pensioen gingen, namelijk 63,84 jaar in 2016. Onlogisch is die latere pensioenleeftijd voor vrouwelijke zelfstandigen volgens NSZ niet. “Heel wat vrouwen die nu met pensioen gaan, hebben hun carrière gedurende een tijd stopgezet om voor hun gezin te zorgen en komen daardoor niet aan de vereiste loopbaanjaren om met pensioen te gaan”, zegt Christine Mattheeuws, voorzitter van NSZ. Ook andere factoren spelen een rol: zo zijn vrouwelijke zelfstandigen voornamelijk actief in fysiek minder zware sectoren en verdienen ze gemiddeld ruim de helft minder dan mannelijke zelfstandigen.

64,65 jaar, op die leeftijd gingen vrouwelijke zelfstandigen vorig jaar gemiddeld met pensioen, zo blijkt uit cijfers van het RSVZ, het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen. Dat is later dan mannelijke zelfstandigen, die gemiddeld op 63,84 jaar voor hun pensioen kiezen. Ook de vijf voorgaande jaren was het zo dat vrouwelijke zelfstandigen later met pensioen gingen.

Die latere pensioenleeftijd heeft volgens NSZ met verschillende factoren te maken. Ten eerste is er de loopbaanvoorwaarde om het recht op vervroegd pensioen te openen. In 2016 bedroeg die 60 jaar bij een loopbaan van 43 jaar, 61 jaar bij een loopbaan van 41 jaar en 62 jaar bij een loopbaan van 40 jaar. Van de generatie vrouwen die nu met pensioen gaat, heeft er nog een heel deel gedurende een bepaalde periode niet gewerkt, doorgaans om voor de kinderen te zorgen. Dat zorgt er nu voor dat zij genoodzaakt zijn om langer te werken om voldoende pensioen over te houden. “Het is goed dat de huidige generatie dat veel minder doet en aan het werk blijft, ook wanneer er sprake is van kleine kinderen. Sowieso loont dat later qua pensioen”, weet NSZ-voorzitter Christine Mattheeuws.

Een tweede verklaring heeft te maken met de sectoren waarin vrouwelijke zelfstandigen doorgaans aan de slag zijn. Ze zijn vooral actief in de schoonheidsverzorging, de kleinhandel en bepaalde vrije beroepen, zoals apotheker, tandarts, advocaat en arts. Mannelijke zelfstandigen daarentegen zijn veel meer werkzaam in zwaardere sectoren, zoals de bouw, transport en automechaniek, maar die jobs zijn doorgaans fysiek slopender en zorgen voor een vroegere stopzetting.

Tot slot zijn ook de veel beperktere inkomsten van vrouwelijke zelfstandigen een verklarende factor voor het langer aan de slag blijven. Vrouwelijke zelfstandigen verdienden in 2015 gemiddeld 15.796 euro per jaar. Hun mannelijke evenknieën verdienden gemiddeld 54 procent meer en konden in 2015 rekenen op 24.273 euro. Het spreekt voor zich dat wie minder verdient vaak langer zal werken om toch zoveel mogelijk van een zorgeloze oude dag te genieten.

deel dit

Word NSZ-lid

Ervaar alle voordelen van ons lidmaatschap

Registreer