Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

Pers

Pers en communicatie

U bent journalist en zit met vragen? Aarzel niet om ons te contacteren.

Christine Mattheeuws

Voorzitter NSZ

christine.mattheeuws@nsz.be
0476 44 74 97

Daphne De Keukelaere

Communicatieverantwoordelijke

daphne.dekeukelaere@nsz.be
0470 11 10 57

Stevige groei van aantal buurtinformatienetwerken: elk extra paar ogen dat mee waakt over onze veiligheid meer dan ooit welkom

Op dit moment zijn er in ons land 995 buurtinformatienetwerken (BIN) actief. Dat zijn er maar liefst 57 procent meer dan vijf jaar geleden, zo blijkt uit een analyse van NSZ op basis van cijfers van de FOD Binnenlandse Zaken. Uit het groot veiligheidsonderzoek van NSZ blijkt dat in ons land 16 procent van alle ondernemers deel uitmaakt van zo’n BIN. 6 op de 10 zelfstandigen die deel uitmaken van een BIN omschrijven de werking als goed tot zeer goed, slechts 10 procent ziet er geen meerwaarde in. Het is volgens NSZ goed dat de burger en de ondernemer in toenemende mate bij het veiligheidsbeleid in ons land worden betrokken, zeker ook nu terroristen overal kunnen toeslaan, maar de regie moet sowieso bij de politie en het gerecht blijven. “Beschouw BIN’s als extra ogen die ervoor zorgen dat het leefbaar blijft voor iedereen in de buurt”, zegt NSZ-voorzitter Christine Mattheeuws.

Het aantal buurtinformatienetwerken (BIN) zit duidelijk in de lift in ons land. Vorig jaar nam het aantal BINs op jaarbasis toe met 11 procent. Tussen eind 2012 en mei 2017 is de evolutie met een toename van 57 procent nog een pak spectaculairder.

Via een buurtinformatienetwerk verwittigen burgers en zelfstandigen mekaar én de politie wanneer ze iets verdachts vaststellen. De BIN’s bestaan ondertussen twintig jaar. Opvallend is wel dat er aanzienlijk meer BIN’s zijn in Vlaanderen dan in Wallonië en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, al is er in Wallonië wel sprake van een opvallende remonte. Het aantal BIN’s steeg er op vijf jaar tijd met 210 procent. En ook in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest lijkt er sinds 2016 eindelijk wat beweging te komen wat het aantal BINS betreft.

Uit het groot veiligheidsonderzoek van NSZ, waaraan 885 ondernemers hebben deelgenomen, blijkt dan weer dan 16 procent van de zelfstandigen zelf in zo’n BIN zit. 24 procent van de ondernemers die deel uitmaken van een BIN omschrijft de werking ervan als zeer goed, 34 procent houdt het bij goed. Slechts 10 procent van de ondernemers vindt dat het BIN waarvan ze deel uitmaken slecht werkt.

NSZ-voorzitter Christine Mattheeuws: “We vinden het goed dat de burger en de ondernemer steeds meer betrokken worden bij het veiligheidsbeleid in ons land. Zelfstandigen kunnen een belangrijke schakel zijn in dat beleid omdat zij hun buurt erg goed kennen, veel sociale contacten hebben en dus ook onmiddellijk potentieel verdacht gedrag kunnen spotten. Zeker in de huidige tijden, gekenmerkt door terroristische aanvallen, kan die informatie extra waardevol zijn. Toch spreekt het voor zich dat zij nooit de belangrijkste schakel in de veiligheidsketen mogen worden. Die taak is en blijft weggelegd voor de politie en het gerecht. BIN’s werken eerder complementair en preventief, terwijl het vatten en het bestraffen van criminelen nog steeds de kerntaak moet blijven van politie en gerecht.”

Tot slot pleit NSZ ervoor om een federaal kenniscentrum op te richten dat alle BIN’s adviseert en begeleidt. Wanneer er nu immers een BIN wordt opgericht, moet een politiezone vaak te rade gaan bij een naburige politiezone of al bestaande BIN’s. Dat kan en moet beter. Dat kenniscentrum zou er ook voor kunnen zorgen om de ‘goede leerlingen’ uit te lichten zodat andere BIN’s hier ook uit kunnen leren.

deel dit

Word NSZ-lid

Ervaar alle voordelen van ons lidmaatschap

Registreer