Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

Pers

Pers en communicatie

U bent journalist en zit met vragen? Aarzel niet om ons te contacteren.

Christine Mattheeuws

Voorzitter NSZ

christine.mattheeuws@nsz.be
0476 44 74 97

Sven Nouten

Communicatieverantwoordelijke

sven.nouten@nsz.be
0477 23 80 74

Helft werkzoekenden laaggeschoold in ons land: nog meer kiezen voor het opdoen van ervaring op de werkvloer

Het aantal laaggeschoolde werkzoekenden is de afgelopen vijf jaar met vier procent gedaald in Vlaanderen en met acht procent in Wallonië, maar toch blijven werkzoekenden zonder diploma middelbaar onderwijs in Vlaanderen 46 procent en in Wallonië 44 procent van alle werkzoekenden uitmaken. Erger nog is gesteld het in Brussel, waar 65 procent van de werkzoekenden laaggeschoold is en waar dat aantal de afgelopen vijf jaar niet gedaald is. Dat alles blijkt uit een onderzoek van NSZ op basis van gegevens van de arbeidsbemiddelaars VDAB, Actiris en Forem. “De drie regio’s moeten, naast de toegekende doelgroepverminderingen, nog meer inzetten op opleiding en stages op de werkvloer”, zegt NSZ-voorzitter Christine Mattheeuws. “Vlaanderen en Wallonië doen dat ook, maar Brussel hinkt op dat laatste vlak achterop.”

In 2011 was 50 procent van alle Vlaamse werkzoekenden laaggeschoold, terwijl in Wallonië 52 procent van alle werkzoekenden geen diploma secundair onderwijs had. Op vijf jaar is hun aandeel in beide regio’s voor een stuk gedaald. In oktober 2016 was 46 procent van alle Vlaamse werkzoekenden laaggeschoold, terwijl in Wallonië 44 procent van de werkzoekenden in diezelfde situatie zat. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is de situatie nog een pak erger: 2 op de 3 werkzoekenden is er laaggeschoold en dat aandeel is de jaren niet afgenomen. Voor een stuk heeft dat ook te maken met de grote aanwezigheid van buitenlanders in Brussel wiens diploma in ons land niet erkend is.

NSZ pleit voor het intensifiëren van het leren op de werkvloer, zoals in Vlaanderen, Brussel en Wallonië bestaat met de individuele beroepsopleiding (IBO). Tijdens de eerste helft van dit jaar kozen 7410 Vlaamse werkzoekenden voor een IBO. In het recordjaar 2015 werden er in Vlaanderen 15.349 IBO-contracten afgesloten. Opgedane ervaring is dikwijls veel belangrijker dan een diploma. Uit gezamenlijk onderzoek van VDAB en NSZ bleek immers dat in de eerste plaats de mentaliteit en de werkbereidheid meetelden bij een aanwerving, vervolgens de ervaring en tot slot, helemaal achteraan, de kwalificaties. Daarom blijft de ondernemersorganisatie ook geloven in ervaringsbewijzen die competenties die bij een bepaald beroep horen erkennen. In 2015 werden er in Vlaanderen 865 ervaringsbewijzen uitgereikt, wat op zich nog te weinig is. Tot slot is NSZ enthousiast over de tijdelijke werkervaring, die onlangs werd goedgekeurd in het Vlaams Parlement en die de laaggeschoolde werkzoekende een traject aanbiedt dat bestaat uit verschillende kortlopende stages, werkplekleren en een IBO aan het einde van het traject.

Ook in Wallonië probeert men met beleid op maat laaggeschoolde werkzoekenden te helpen. Net als in Vlaanderen is er de IBO (PFI, Plan Formation-Insertion). In 2015 volgden 7051 Waalse werkzoekenden zo’n beroepsopleiding en dit jaar gaat het om 6660 IBO-contracten tijdens de eerste 11 maanden. Dat is weliswaar de helft minder dan in Vlaanderen, terwijl er in beide regio’s haast evenveel laaggeschoolde werkzoekenden zijn (102.668 in Wallonië in oktober 2016 en 101.218 in Vlaanderen in oktober 2016). Daarnaast bestaan er in Wallonië ook de zogenaamde ‘titres de compétence’. Die vallen te vergelijken met de Vlaamse ervaringsbewijzen en tonen dus aan dat iemand zonder diploma over ervaring beschikt in een bepaald beroep. De afgelopen drie jaar werden er elk jaar gemiddeld zo’n 1300 ervaringsbewijzen uitgereikt. Dat aantal ligt dus hoger dan in Vlaanderen.

Ook in Brussel biedt men laaggeschoolde werkzoekenden een IBO aan, maar het aantal werkzoekenden in zo’n opleidingstraject ligt er veel te laag. De laatste drie jaren werden er per jaar tussen de 1200 en de 1300 IBO-contracten afgesloten. Erg weinig wanneer men weet dat er in oktober 2016 in Brussel 63.964 laaggeschoolde werkzoekenden waren. Daarnaast is er in het hoofdstedelijk gewest ook het doorstromingsprogramma (DSP) dat de werkzoekende een beroep wil aanleren via beroepservaring, een beroepsopleiding en begeleiding op de werkvloer, maar de voorwaarden om zo’n DSP te doorlopen zijn te stringent. Zo moet men al minstens gedurende twee jaar werkzoekende zijn en bovendien kan men het DSP enkel volgen in vzw’s, niet-commerciële verenigingen en de overheidssector, maar dus niet in de privésector.

NSZ-voorzitter Christine Mattheeuws: “Uiteraard zijn doelgroepverminderingen een goede zaak om bepaalde groepen werkzoekenden een kans te geven en om de loonkost bij de werkgever te milderen, maar laaggeschoolde werkzoekenden zullen het toch vooral van beleid op maat en opleiding moeten hebben. Daarbij is het essentieel dat de werkzoekende zoveel mogelijk vaardigheden en expertise vergaart en dan nog bij voorkeur in een knelpuntberoep. Daarmee slaan we twee vliegen in één klap: minder werkzoekenden en minder banen die niet ingevuld geraken.”

deel dit

Word NSZ-lid

Ervaar alle voordelen van ons lidmaatschap

Registreer