PERSBERICHTEN
2 2 2012 | Uitspraak Europees Hof over sperperiode hakt jammer genoeg geen knopen doorHet Europees Hof van Justitie heeft helaas geen duidelijk antwoord gegeven op de vraag van het Hof van Cassatie of de sperperiode in strijd is met de Europese regels. De Europese rechtsinstantie zegt alleen dat de sperperiode niet wettig is wanneer de sperperiode dient om de consument te beschermen. Indien de sperperiode echter dient om oneerlijke concurrentie tussen de marktspelers te vermijden, is er geen probleem en kan de sperperiode blijven bestaan. De zure appel wordt daarmee doorgeschoven naar één van de nationale rechters die hierover uitspraak moet doen. “Het blijft dus afwachten op een oordeel van het Europees Hof van Justitie naar aanleiding van een klacht van de Europese Commissie tegen de sperperiode”, zegt Christine Mattheeuws, voorzitter van NSZ. “Hopelijk duurt dat niet lang meer, want rechtszekerheid is dringend nodig.”
In se zegt het Europees Hof in haar beschikking van 15 december 2011 hetzelfde als ze in juli van vorig jaar zei. Het Europees hof heeft ook nu geantwoord op een prejudiciële vraag, deze keer gesteld door het Hof van Cassatie. In de zomer van 2011 ging het om een antwoord op een prejudiciële vraag, gesteld door een rechter uit Dendermonde. Helaas is ook nu het antwoord niet eenduidig. Het Europees Hof heeft enkel bepaald dat wanneer de sperperiode dient om de consument te beschermen, de sperperiode in strijd is met de richtlijn 2005/29/EG over de oneerlijke handelspraktijken. Indien de sperperiode dient om oneerlijke concurrentie tussen de diverse marktspelers te vermijden, is er daarentegen geen probleem en kan de sperperiode blijven bestaan.
NSZ betreurt dat de rechtszekerheid op die manier blijft aanhouden. Hoewel de ondernemersorganisatie voorstander is van het behoud van de sperperiode, is er nu bovenal nood aan duidelijkheid: ofwel blijft ze bestaan, ofwel wordt ze afgeschaft. Het is van cruciaal belang dat er eindelijk zekerheid komt over de sperperiode. Ze is wettig of onwettig, want aan een tussenoplossing heeft niemand iets. Christine Mattheeuws: “Zo’n schijnsituatie leidt enkel tot oneerlijke concurrentie tussen sommige grote spelers die zich niets van de regels aantrekken en de kleinhandelaars die zich omwille van de boetes wel houden aan de regels. We hopen samen met onze handelaars dat de sperperiode overeind blijft, maar vragen bovenal rechtszekerheid.”
Ga naar het persoverzicht