Steeds meer startende ondernemers zijn 50 of ouder

Categorie Ondernemen
Steeds meer startende ondernemers zijn 50 of ouder

Het aantal startende ondernemers dat 50 en ouder is, stijgt na jaar na jaar. Op vijf jaar tijd is hun aandeel in het totaal aantal starters gestegen van 12 naar 14 procent, zo blijkt uit een analyse van NSZ op basis van cijfers van het RSVZ, het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen. “Vaak lanceren ze zich uit noodzaak als zelfstandige, wanneer ze na bijvoorbeeld een ontslag of reorganisatie geen andere baan in vast dienstverband vastkrijgen”, weet NSZ-voorzitter Christine Mattheeuws. Het is immers algemeen geweten dat 50-plussers weinig kansen krijgen op de arbeidsmarkt. Momenteel is bijna één op drie werkzoekenden in Vlaanderen 50 jaar of ouder. Om meer werkloze 50-plussers te laten kennis maken met het ondernemerschap stelt NSZ voor om hen hun werkloosheidsuitkering gedurende 12 maanden te laten behouden wanneer ze zich als zelfstandige vestigen. Een test case met vangnet, als het ware.

Het totaal aantal starters is tussen 2009 en 2014 met 28 procent gestegen, zo geven cijfers van het RSVZ aan, van 75.592 in 2009 tot 96.844 in 2014. Tijdens diezelfde periode is het aantal starters van 50 of ouder met 51 procent gestegen. Ook het aandeel van de 50-plussers nam opmerkelijk toe: in 2009 waren ze goed voor 12 procent van alle starters in dat jaar (8903 in totaal), eind 2014 bedroeg hun aandeel 14 procent of 13.435 in totaal. Kortom: steeds meer starters zijn 50 jaar of ouder.

Door de crisis die de afgelopen jaren lelijk huis hield verloren heel wat werknemers hun job. Bovendien is het algemeen geweten dat oudere werklozen niet gemakkelijk opnieuw aan de bak geraken in ons land. Dat heeft niets met de competenties of de motivatie van die oudere werknemers te maken, maar alles met het totale kostenplaatje en de bescherming die ze genieten. Ten eerste zijn tal van barema’s nog steeds berekend op leeftijd. Met andere woorden: hoe ouder, hoe hoger het loon. Daarnaast zorgen ook de zware beschermingsclausules voor oudere werknemers ervoor dat zij minder goed in de markt liggen. Er is verplicht outplacement voor elke werknemer van 45 of meer die ontslagen wordt, tijdskrediet in het kader van de eindeloopbaan en ook de werkloosheid met bedrijfstoeslag, het vroegere brugpensioen, weegt door, ook al werd dat stelsel de afgelopen jaren wel verstrengd. In mei waren er volgens VDAB er in Vlaanderen 62.688 werklozen die 50 of ouder waren. Die doelgroep is goed voor 29,4 procent van alle werkzoekenden in Vlaanderen.

Gevolg van dat alles is dat steeds meer oudere werklozen zich als zelfstandige lanceren uit noodzaak, bij gebrek aan alternatief. Oudere starters beginnen doorgaans niet omdat ze het ondernemerschap als een gewenste uitdaging zien of ambitie hebben om te groeien. Ze doen het eerder als een manier om inkomsten te verwerven. “Daar is niets mis mee”, oordeelt NSZ-voorzitter Christine Mattheeuws. “Doorgaans doen zo’n oudere starters het ook goed omdat ze de nodige kennis en expertise in huis hebben, en bijvoorbeeld ook meer financiële reserves dan een jonge starter. Ze kijken doorgaans ook realistischer tegen de zaken aan.” Bovendien beschikken oudere starters over een breder professioneel netwerk, wat hen toelaat om goed geïnformeerd en begeleid aan de start te verschijnen. Zij zijn beter op de hoogte over subsidies en andere financieringsvormen, al is het wel zo dat banken net omwille van hun oudere leeftijd niet altijd happig zijn om hen een krediet te verlenen. Door hun hogere leeftijd is de terugbetalingscapaciteit korter.

Momenteel krijgt enkel een zelfstandige die op moment van de aanvraag van werkloosheid al drie maanden een activiteit uitoefende als zelfstandige in bijberoep een werkloosheidsuitkering. Eenmaal iemand een werkloosheidsuitkering krijgt, kan hij geen zelfstandige activiteit meer opstarten zonder die uitkering te verliezen. Om het ondernemerschap in Vlaanderen te stimuleren en het aantal oudere werklozen helpen te verminderen, stelt NSZ voor om een werkloze 50-plusser die zich als zelfstandige  lanceert toch een werkloosheidsuitkering te geven. Op die manier kan die oudere werkloze nagaan of het ondernemerschap iets voor hem is, maar kan hij ook op een vangnet terugvallen voor wanneer het toch mis zou gaan. Wie na 1 jaar zijn zelfstandige activiteit verderzet in hoofdberoep, krijgt dan uiteraard geen werkloosheidssteun meer. “Daarmee doen we tegelijkertijd iets aan de geringe ondernemerschapsgraad en de hoge ouderenwerkloosheid in Vlaanderen”, besluit Christine Mattheeuws, voorzitter van NSZ.

deel dit